Hardnekkig probleem
Dyslexie is een stoornis die gekenmerkt wordt door een hardnekkig probleem met het aanleren en/of vlot toepassen van het lezen en/of het spellen op woordniveau (Stichting Dyslexie Nederland, 2008). Het komt voor bij kinderen en volwassenen en kan op verschillende manieren voor problemen zorgen. Een kind van het basisonderwijs wordt bijvoorbeeld meerdere keren per jaar getoetst of het snel genoeg en zonder al te veel fouten woorden en een tekst kan lezen. Ook wordt hij beoordeeld op het correct schrijven van dicteewoorden. Een leerling van het voortgezet onderwijs heeft eerder te maken met het leren en maken van proefwerken 'vreemde talen'. Een volwassene kan last hebben van dyslexie tijdens het studeren en/of in het werk. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het invullen van formulieren om een overdracht aan een collega te doen.

Klachten
Mensen met dyslexie hebben moeite om vlot tekens te verklanken (hardop lezen) en/of om klanken om te zetten in tekens (schrijven). Dit proces verloopt vertraagd en noemen we een automatiseringsprobleem. Dyslexie hoeft goede prestaties op andere terreinen, zoals rekenen en begrijpend lezen, niet in de weg te staan. Wel komt het vaak voor dat technische leesproblemen ervoor zorgen dat iemand moeite heeft met het lezen van redactiesommen of het begrijpen van lange teksten.

Kenmerken

Dyslexie bestaat uit twee probleemgebieden: het lezen en het spellen.

Waaruit kunnen de leesproblemen bestaan?
  • Je hebt moeite met vlot technisch lezen, je leest dus traag.
  • Je raadt soms welke letter of welk woord er staat, je maakt dus fouten.
  • Omdat lezen veel moeite kost, kost het je meer moeite een tekst te begrijpen.
  • Als iets wordt voorgelezen of verteld, begrijp je het veel sneller.
Waaruit kunnen de spellingproblemen bestaan?
  • Je hebt soms moeite met het kiezen van de juiste letter, zoals b of d, en keert ze soms om.
  • Je twijfelt vaak of je een woord goed hebt geschreven.
  • Je hebt moeite om te onthouden hoe woorden worden geschreven (schriftbeeld).
  • Je gebruikt soms trucjes (zoals spellingregels) om te weten hoe je iets schrijft.

Oorzaken

De oorzaak van dyslexie ligt in de hersenen. Hoewel er nog steeds onderzoek wordt gedaan naar dyslexie, lijkt het erop dat het hersengebied waar klanken aan schrifttekens worden gekoppeld, niet goed functioneert. De klanken worden daardoor onjuist in de hersenen verwerkt en minder goed in het geheugen opgeslagen. Daardoor kunnen klanken minder goed uit het geheugen worden opgehaald om vervolgens te koppelen aan het schriftbeeld. Mensen met dyslexie hebben problemen met de fonologische verwerking van taal en/of met het snel benoemen van woorden. Tot slot speelt erfelijkheid een rol bij dyslexie. Wanneer dyslexie in de familie voorkomt, is de kans groter dat je ook aanleg voor dyslexie hebt.

Diagnostiek

Molendrift doet onderzoek bij kinderen, jongeren en volwassenen wanneer iemand problemen heeft met lezen en/of spellen en een uitval vertoont ten opzichte van leeftijdgenoten. Daarbij kan gedacht worden aan dyslexie. Naast het stellen van een diagnose is het van belang te weten wat iemand nodig heeft zodat het beter met hem gaat. Daarom wordt naast het stellen van een diagnose tijdens het onderzoek ook gekeken naar handvatten waardoor iemand beter kan gaan lezen en spellen.

Behandeling – het doel

De invulling van een behandeltraject hangt af van het doel waarnaar toegewerkt wordt. Een kind van het basisonderwijs zal bijvoorbeeld toewerken naar het toepassen van adequate lees- en spellingstrategieën. Daardoor kan hij op groepsniveau werken en zich (leeftijdsadequaat) zelfstandig redden met de taken op school, bijvoorbeeld het maken van een dictee. Een leerling van het voortgezet onderwijs zal eerder toewerken naar het toepassen van compenserende leerstrategieën voor bijvoorbeeld de vreemde talen, zodat er voldoendes gehaald worden. Volwassenen zullen juist meer gericht zijn op het halen van hun studie of het leren omgaan met de praktische beperkingen die zij in hun werk tegenkomen. Kortom, er wordt altijd een plan op maat gemaakt.

Behandeling – de insteek

Automatiseren
In het algemeen wordt de hulp eerst gericht worden op automatiseren, zeker wanneer het jonge kinderen betreft.

Compenseren
Wanneer het automatiseren ondanks veel oefenen niet wordt bereikt, gaan we werken aan het adequaat compenseren van een laag leestempo of veel spellingfouten. Hierbij kan worden gedacht aan het lezen met hulp van passende leesstrategieën, zoals zingend lezen of lezen met letterclusters, en aan spellen met behulp van spellingregels. Om het automatiseren te ondersteunen én lees- en spellingproblemen te compenseren, maken we gebruik van technische hulpmiddelen, zoals de computerprogramma's Sprint en Kurzweil of een Daisyspeler.

Beleving
Soms speelt faalangst of schaamte een grote rol in de problemen die worden ervaren. In dit geval heeft een insteek op de leertechnische ondersteuning weinig zin. Wij zullen dan eerst aandacht besteden aan de beleving. Als faalangst of schaamte slechts voor een deel een rol speelt in de problemen die worden ervaren, kan er wel gestart worden met het leertechnische traject. Iemand krijgt dan houvast en ervaart succes waardoor de negatieve beleving positief wordt beïnvloed.

Ook wanneer er na onderzoek geen sprake blijkt te zijn van dyslexie terwijl er wel problemen zijn met lezen en/of spellen, kan een behandeling worden ingezet.

Molendrift: Ubbo Emmiussingel 110 | 9711 BK Groningen | Tel: 050 - 318 51 42 | Fax: 050-312 89 90 | e-Mail